De nieuwe regeling voor het banksparen werd vooral door consumentenorganisaties met open armen ontvangen. Banksparen zou goedkoper zijn, omdat levensverzekeraars veel kosten in rekening brengen. Of die stelling juist is, is nog maar de vraag. Banken maken ook kosten en willen ook winst maken. Net als verzekeraars. Of het nu uit de lengte komt of uit de breedte, de consument moet hiervoor betalen. Ook bij banken. Banken zullen hiervoor veelal een dekking vinden door een lagere rente te vergoeden of door beheerskosten in rekening te brengen. Maar er zijn wel verschillen. Om dat wat duidelijker te maken moeten we een onderscheid maken tussen de spaarfase en de uitkeringsfase.
Wordt voor de verzekering gekozen dan wordt er een premie betaald ter financiering van een verzekerd kapitaal. Is er een uitkering bij overlijden meeverzekerd dan bestaat de premie uit een risicopremie, een spaarpremie en kosten. Is geen uitkering bij overlijden meeverzekerd dan wordt ook geen risicopremie betaald. De risicopremie dient namelijk om de uitkering bij overlijden te financieren. Die uitkering bestaat uit een gegarandeerd kapitaal waarvoor een nabestaandenlijfrente kan worden aangekocht. De spaarpremie wordt door de verzekeraar belegd en dient ter dekking van de uitkering op de pensioendatum. Die uitkering wordt dan omgezet in een tijdelijke of een levenslange lijfrente. Er kan worden gekozen voor een veilige beleggingsvorm met een gegarandeerd kapitaal of voor een meer risicovolle belegging in andere beleggingsvormen. De uitkering is dan afhankelijk van de beleggingsresultaten.
Bij banksparen wordt de inleg op een geblokkeerde spaar- of beleggingsrekening gestort. De hoogte van de uitkering op de pensioendatum is dus afhankelijk van de hoogte van het opgebouwde spaarsaldo. Het aantal uitkeringen is eindig. Is het saldo opgebruikt dan houden de uitkeringen op. Het overlijdensrisico moet aanvullend worden bijverzekerd.
Welke vorm het meest gunstig is hangt af van de persoonlijke wensen en omstandigheden van de consument en van de gekozen aanbieder van het product. Beide vormen zouden per individu uitgewerkt naast elkaar moeten worden gelegd en worden vergeleken. Pas dan kan een afgewogen oordeel worden gevormd. Wij zijn u daar graag bij behulpzaam.
De Dienstenwijzer en Gedragscode geven een beschrijving van wat u van ons mag verwachten maar ook wat wij van u verwachten.