Volgens het oude verzekeringsrecht moest er bij een verzekeringsovereenkomst sprake zijn van een onzeker voorval. Algemene omschrijving van een onzeker voorval is: een gebeurtenis die naar de normale loop der omstandigheden niet is te verwachten. Het kan dan gaan om een gebeurtenis waarvan niet zeker is óf de gebeurtenis zich zal voordoen en/of van een gebeurtenis waarvan niet vast staat wanneer die zich zal voordoen.
Voorbeelden:
- Als een huis als gevolg van een door de verzekerde per ongeluk omgestoten brandende kaars door brand verwoest wordt dan is er sprake van een onzeker voorval. Maar als de verzekerde de kaars opzettelijk omstoot om brand te stichten dan is er geen sprake van een voor verzekerde onzeker voorval en zal er dus geen dekking zijn.
- Als een verzekerde struikelt en zijn enkel dusdanig beschadigd raakt dat hij blijvend invalide is dan is er dekking op de ongevallenverzekering omdat er sprake is van een onzeker voorval.
- Als een verzekerde op jonge leeftijd komt te overlijden als gevolg van een hartstilstand of als een verzekerde op hoogbejaarde leeftijd komt te overlijden, dan zal de overlijdensverzekering uitkeren, omdat er sprake is van een onzeker voorval. Weliswaar is het overlijden op zich geen onzeker voorval, maar het moment van overlijden is onzeker en daarom is er toch sprake van een onzeker voorval.
Volgens het nieuwe verzekeringsrecht moet het in een verzekeringsovereenkomst gaan om onzekerheid. Er staat 'bij het sluiten van de overeenkomst moet er voor partijen geen sprake zijn van zekerheid'. De onzekerheid hoeft niet alleen te bestaan over het wel of niet plaatsvinden van de gebeurtenis, maar er kan ook onzekerheid zijn over de hoogte van de uitkering of over de duur van de premiebetaling.
In de eerder gegeven voorbeelden is er sprake van onzekerheid omtrent het wel of niet ontstaan van de schade of het moment van het ontstaan van de schade. In de volgende voorbeelden gaat het om de onzekerheid over de hoogte van de uitkering of over de duur van de premiebetaling.
Voorbeelden:
Er is een levensverzekering gesloten waarin overeengekomen is dat de uitkering bij overlijden van de verzekerde voor 65 jaar 100.000,- euro bedraagt en bij overlijden na 65 jaar 50.000,- euro. Dan is er dus voor beide partijen onzekerheid over de hoogte van de uitkering.
Bij schadeverzekeringen (bijv. een inboedel of aansprakelijkheidsverzekering) is er ook altijd onzekerheid over de hoogte van de uitkering, want de verzekeraar vergoedt bij een schadeverzekering de werkelijke geleden schade en je weet van te voren niet hoe hoog de schade zal zijn.
Soms is bij een levensverzekering afgesproken dat de verzekeraar op een van te voren vastgelegde einddatum het bedrag uitkeert, ongeacht of de verzekerde eerder is overleden of nog in leven is. Dan zou er geen onzekerheid zijn want de verzekeraar weet dat hij op de einddatum moet uitkeren. In die polis wordt dan vastgelegd dat de premiebetaling stopt bij overlijden van de verzekerde. Daarmee voldoet de polis aan de eis ten aanzien van onzekerheid.
In de meeste verzekeringsvoorwaarden, vooral van schadeverzekeringen, komt het oude begrip 'een onzeker voorval' nog wel voor. Een schade is dan alleen gedekt als die schade het gevolg is van een gebeurtenis waarvan niet vast stond dat die gebeurtenis zou plaatsvinden en/of wanneer de gebeurtenis zou plaatsvinden.
Wilt u meer weten? Neem dan contact met ons op!
De Dienstenwijzer en Gedragscode geven een beschrijving van wat u van ons mag verwachten maar ook wat wij van u verwachten.